ACTUEEL
  • Eindtijd Powerpoints
    Eindtijd powerpoints
  • Bent u klaar?
    De terugkeer van Jezus, is een van de grote thema's van de kerk En dan met name het mysterie van de opname.
  • 23 september 2017
    Er is op dit moment een grote hype rondom de 23e September 2017 die viraal gaat via de sociale media. In dit artikel heb ik naar de bijbelse achtergronden gekeken van deze zaak.
AGENDA

De Macedonische roep voor Kosovo

Dit is een initiatief van een stel mannen die een zelfde passie delen voor hetzelfde volk: de leidende mensen van Kosovo. Hieronder een korte schets van Bram, Jaap, Mattheus en David - de mannen achter deze visie, zodat u een idee krijgt van hun werk en hun passie voor de wezen en weduwen van Kosovo.

Bram Oosterwijk
Bram is de stichter van "Lifehouse Relief". Hij heeft meer dan 15 jaar in Oost-Europa en op de Balkan gewerkt. Bram woont nu in Kosovo. Zijn belangrijkste focus is gericht op het helpen van wezen en weduwen met trauma-begeleiding en praktische hulp. Hij wil echter graag de kerk tot leven zien komen in Kosovo. Door zijn contacten in Kosovo is Bram de sleutelfiguur om deuren voor andere bedieningen te openen. www.debrug.nu en www.lifehouserelief.org
Jaap Dieleman
Jaap is de stichter van "De Heilbode". Hij heeft 15 boeken geschreven en zo′n 40 landen bezocht. Hij begon als evangelist, maar zijn werk is uitgegroeid tot het opleiden van leiders, die hij uitdaagt om op hun beurt vaders te zijn voor jonge gelovigen. Zijn boek "De Echte man" daagt mannen in het bijzonder uit om trouwe echtgenoten en vaders te zijn. Zijn hart voor Kosovo is om levende kerken te zien die de genezende tegenwoordigheid van God in Kosovo kunnen brengen. www.heilbode.nl
Mattheus van der Steen
Mattheus is de stichter van TRIN (Touch, reach & impact the nations). Hij verlangt hoop te brengen aan hopelozen, liefde aan niet geliefden en een kans te geven aan kanslozen. Zijn visie bracht hem o.a. naar Kosovo waar hij bijna een jaar heeft gewoond. Hij verlangt ernaar om naties te bereiken met het evangelie en hen in contact te brengen met Jezus en Zijn kracht te demonstreren door wonderen en tekenen. www.trin.nl
David de Vos
David is de stichter van "Go and Tell Ministries". Hij is een jonge en dynamische spreker met een brandende passie voor zielen. Als evangelist verlangt hij ernaar het evangelie wereldwijd te delen met zoveel mensen als mogelijk is. Hij is een vuurvreter die anderen graag wil aanvuren tot liefde voor God. Hij heeft een boek geschreven met de titel "Help, ik ben geroepen!" Een echte aanrader voor jonge mensen! www.goandtell.nl

Hoe het allemaal begon

Bram, Mattheus, David en Jaap; wat hebben deze mannen met elkaar gemeen? Ze delen dezelfde passie voor dezelfde mensen, de lijdende mensen van Kosovo. Het begon allemaal zo′n tien jaar geleden toen Bram in de Balkan begon te reizen en zijn hart werd gepakt door Gods liefde voor de mensen uit deze regio. Aanvankelijk was het zijn bedoeling om het Goede Nieuws van Jezus met deze mensen te delen. Om die reden nodigde hij dan ook Mattheus, Jaap, Peter en vele anderen uit om te komen helpen in Kosovo. Later werden Cris, Hans en David ook gepakt door dezelfde visie. Uiteindelijk ontdekten we dat we allemaal dezelfde passie hadden voor de mensen van Kosovo en daarom willen wij nu onze krachten en talenten bundelen om dit volk te helpen, te inspireren, te bemoedigen en te troosten. Voordat ik het team introduceer dat achter deze visie staat, wil ik u eerst helpen om Kosovo te begrijpen. Daarom wil ik iets delen van de geschiedenis, de cultuur, de economie, wat er gebeurde in de oorlog en wat er sindsdien is gebeurd. We willen ook de grootste nood van het land en van de kerk delen, voor zover we die hebben geconstateerd. Maar eerst wil ik u helpen om de geschiedenis van Kosovo te begrijpen.

De historie van Kosovo

Vanaf het 2e millennium v. Chr. hebben de Illyrische stammen van Dardanae het gebied bezet dat ook het huidige Kosovo omvatte. Hetzelfde gebied werd later door de Romeinen bezet en tegen het eind van de 12e eeuw heeft de Servische heerser Stefan Nemanja Kosovo bezet. In de strijd om Kosovo bracht het Ottomaanse leger in 1389 een zware nederlaag toe aan het Servische leger. Dit conflict leidde in 1459 uiteindelijk tot de verovering van heel Servië, waarbij veel Serviërs noordwaarts werden verdreven. In 1878 vormden de Albanezen een alliantie in hun strijd tegen de Ottomaanse overheersing. Een tijdelijke regering werd gevormd in 1881 maar het duurde tot 1912 voordat het Kosovaarse verzet de Ottomaanse overheersing van zich wist af te schudden. In 1912 werd Kosovo toen deel van de nieuw gevormde staat Albanië. Maar hun onafhankelijkheid duurde niet lang, want het daaropvolgende jaar werd Albanië door de Europese machthebbers (Oostenrijk, Hongarije, Frankrijk, Engeland, Italië en Rusland) gedwongen om Kosovo aan Servië terug te geven. In 1918 werd Kosovo ingelijfd in het nieuw gevormde Koninkrijk van Servië, Kroatië en Slovenië, dat later Joegoslavië genoemd zou worden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Kosovo tijdelijk aan Albanië toegewezen, maar in 1946 werd het opnieuw een provincie van Servië. Protest van etnische Albanezen leidde tot een grotere autonomie voor Kosovo, maar in 1981 leidden ernstige rellen tot een tegenaanval van Servie.

Een groeiende verbittering van de Servische bevolking tegen de Albanese Kosovaren leidde tot protestmarsen en droeg bij aan het Servische nationalisme, waar Slobodan Milosevic handig gebruik van maakte om in 1987 aan de macht te komen. Kosovo, eens een autonome federale staat van Joegoslavië, werd in 1989 door de regering van Milosevic van zijn autonomie beroofd. Het beleid van Milosevic leidde tot het uiteenvallen van Joegoslavië en tot oorlog met Kroatië, Bosnië-Herzegovina en Kosovo. In August 1995 werd Kosovo de bestemming van tienduizenden Servische vluchtelingen uit de Krajina, een regio van Kroatië. Deze Serviërs waren gevlucht, nadat Kroatië dit gebied had terugveroverd na een aantal jaren van Servische overheersing. De Albanese regering protesteerde heftig tegen de vestiging van deze tienduizenden Servische vluchtelingen in de overwegend Albanese provincie Kosovo. Na de intrekking van de Kosovaarse autonomie sloten de Serviërs de scholen, die les gaven in de Albanese taal. Ook volgden er massa-ontslagen voor Albanezen bij Kosovaarse staatsbedrijven. Tevens werd de legale Kosovaarse regering ontbonden en werd het parlement naar huis gestuurd. Servië voerde een beleid van systematische onderdrukking van de Albanese bevolking in Kosovo. Hierbij werden regelmatig de rechten van deze Albanese burgers op grove wijze geschonden.

Aanvankelijk reageerden de Albanese Kosovaren met een vredig en lijdzaam verzet tegen deze onderdrukking. In 1992 hield de bevolking van Kosovo vrije verkiezingen, waarbij ze hun eigen leiderschap kozen. Uit een referendum gehouden in 1991, bleek dat de meerderheid van de Albanese bevolking koos voor onafhankelijkheid, en in hetzelfde jaar verklaarde het Kosovaarse parlement de onafhankelijkheid van Kosovo en werd er een schaduwkabinet gevormd. Men vond middelen om onderwijs te blijven geven in het Albanees, ook al werd dit buiten de door Servië bezette scholen gedaan. Tevens werd er gezondheidszorg voor de Albanese bevolking geregeld (de meeste Albanese doktoren waren immers ontslagen uit de staatsziekenhuizen die nu door Serviërs werden bestuurd).

Begin 1998 begon de Servische regering een strafcampagne tegen het Kosovaarse Bevrijdingsleger (UÇK), een guerrilla-beweging die was ontstaan toen was gebleken dat aan het lijdzame verzet van de Albanese Kosovaren geen gehoor werd gegeven door het brute regime van Milosevic. Na 1998 hielden de Servische veiligheidstroepen er een verschroeide-aarde-politiek op na, door dorpen plat te branden, vrouwen te verkrachten en mannen te vermoorden, waardoor er een exodus van ruim een miljoen vluchtelingen op gang kwam. Servische soldaten maakten zich ook schuldig aan verschrikkelijke wreedheden tegen ongewapende burgers, inclusief vrouwen en kinderen.

The NAVO-bombardementen, die in maart 1999 begonnen, nadat Servië geweigerd had een vredesakkoord te tekenen om aan het conflict in Kosovo een einde te brengen, duurden tot juni 1999 toen president Milosevic capituleerde en zijn troepen uit Kosovo terugtrok. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties nam resolutie 1244 aan, waarin werd besloten dat er een tijdelijk bestuur gevormd zou worden door de Verenigde Naties in Kosovo (beter bekend als UNMIK dat staat voor: United Nations Mission In Kosovo). Tevens zou er een NAVO-geleide vredesmacht worden geïnstalleerd om de veiligheid in het land te garanderen.

De oorlog in Kosovo heeft een stroom van meer dan één miljoen vluchtelingen veroorzaakt, 300.000 mensen dakloos gemaakt, en zo’n 25,000 doden opgeleverd. Veel van deze slachtoffers, waaronder ook vrouwen en kinderen, zijn zonder pardon geëxecuteerd en achteloos in massagraven geworpen. De Kosovaren, UNMIK, NAVO en de Internationale Gemeenschap werken samen aan de wederopbouw van Kosovo, proberen haar economie weer op gang te brengen en proberen democratische fundamenten te leggen, zodat het land te zijner tijd weer zelfstandig kan functioneren. Hoewel er hard gewerkt wordt om de littekens van de oorlog te genezen en Kosovo weer op de been te helpen, valt dat niet mee in de huidige economische situatie, zoals blijkt uit recent onderzoek

De roep om onafhankelijkheid

1918    Vanaf het begin van Joegoslavië in 1918 wilde Kosovo zich afscheiden van Servië.
1945    Terwijl de Nazi’s Joegoslavië verlieten, vochten Tito’s soldaten met Albanese rebellen.
1950    Servië voert sancties tegen Kosovo uit. Tijdens rellen sterven er diverse mensen.
1968    Er waren rellen na de protesten voor onafhankelijkheid door Albanese studenten.
1974    Kosovo wordt een autonome provincie binnen de Servische federatie.
1981    Na Tito’s dood eisen Albanese Kosovaren de onafhankelijkheid van Kosovo. 
            Bij rellen vallen er negen doden en honderden gewonden. Tienduizenden Serviërs verlaten Kosovo.
1987    Duizenden Serviërs protesteren tegen de intimidatie van Albanezen. 
            Op een golf van Servisch nationalisme wordt Milosevic de nieuwe president. 
            Milosevic belooft te vechten tegen het Albanese nationalisme.
1989    Milosevic beperkt de autonomie die Kosovosinds 1974 was gegeven en plaatst haar onder bestuur van Belgrado.  
            In rellen tussen de politie en een groep demonstranten vallen er minsten 20 doden.
1990    Politiemensen slaan duizenden Albanese demonstranten met geweld neer. Servië zendt troepen, 
            tanks en 2000 man politie. Er worden tientallen doden gemeld.
1992    Rugova wordt tijdens onofficiële verkiezingen tot president van Kosovo gekozen. 
            Onder Rugova’s leiderschap wordt er een alternatieve grondwet opgesteld.
1995    Ondanks groot protest worden 20.000 Servische vluchtelingen in Kosovo gevestigd.
1996    De eerste aanval van het Kosovaarse Bevrijdingsleger UCK.
1998    Albanese burgers sterven bij een tegenaanval van Servische eenheden op het UCK.
            Vanaf juli 1998 is er een toename van moorden in heel Kosovo tot aan maart 1999.
1999    Op 24 maart lanceert de NAVO zijn eerste luchtaanval om de oorlog te beëindigen.
2000    Langzaam maar zeker begint de wederopbouw van Kosovo met UNMIK en NAVO.
2005    Kosovo staat nog steeds onder controle van de NAVO en worstelt economisch met grote problemen. 
           De claim van Servië om Kosovo terug te krijgen, maakt haar tot een tijdbom 
           die elk moment opnieuw kan exploderen, waardoor veel investeerders wegblijven.
2009   Na veel moeite roept Kosovo de onafhankelijkheid uit. Dit wordt door de meeste landen erkend.

Algemene informatie over Kosovo

Geografische ligging: Kosovo ligt tussen Montenegro in het noordwesten, Servië in het noorden en noordoosten, Macedonië in het zuiden en Albanië in het westen en zuidwesten. De bergen zijn bedekt met loofbomen, grasland en weiden. Een uitloper van de rivier Drin loopt door Kosovo en ook de rivieren Ibar en Sitnica lopen door dit gebied. Oppervlakte: haar gebied beslaat 10,887 vierkante kilometer. Bevolking: volgens schattingen zijn er bijna 2 miljoen inwoners. Etnische samenstelling: 90% van de inwoners is Albanees, 8% Servisch en Montenegrijn en de overige 2% is Turks, Roemeens, etc. De officiële naam van het land is nu: Republiek van Kosovo. Status: Kosovo′s internationale status is nog niet bepaald. Noch Kosovo, noch Joegoslavië (dat is Servië, Montenegro en Kosovo, volgens de meeste Serviërs), zijn officieel door de internationale gemeenschap erkende staten.

De economie van Kosovo

Hoewel Kosovo aanzienlijke voorraden lood, zink, bruinkool, chroom en magnesium heeft, is Kosovo lange tijd het armste gebied van Europa geweest. Zelfs nu heeft Kosovo een slecht waterleidingsysteem en elektriciteitsnetwerk. De werkeloosheid komt ver boven 50% uit. Landbouw is van hoofdbelang; de belangrijkste gewassen zijn graan, aardappels, pruimen, druiven en tabak. Er is ook semi-agrarische industrie zoals de productie van wijn en kaas. In de hooglanden van Kosovo worden koeien en schapen gehouden en ook hout is een belangrijk product. Industrie en mijnbouw zijn van economisch belang voor Kosovo, zoals ook de productie van cement en zwavelzuur. Een kleine ski-industrie is in ontwikkeling in de hooglanden. Het administratieve centrum van Kosovo is Pristina; andere belangrijke steden zijn Prizren, Gjakove and Pec. Meer dan 90% van Kosovo′s inwoners zijn etnische Albanezen, het overige deel bestaat voornamelijk uit Serviërs en Montenegrijnen.Volgens een studie van de Wereld Bank, die op 28 mei 2004 werd bekendgemaakt, is het armoedepercentage sinds 2002 gestegen van 12% naar 15%. Terwijl 15 % van de Kosovaarse bevolking leeft van € 0.93 per dag, wat ver beneden de armoedegrens ligt, leeft 37 % van de bevolking in ‘gewone’ armoede met het geringe bedrag van € 1.42 per dag. Kosovo′s groeiende armoede wordt mede veroorzaakt door een gebrek aan economische groei en het teruglopen van de donaties met 70% sinds de periode 2000-2003. Langetermijnleningen zouden een economische impuls zijn voor Kosovo en de armoede effectief kunnen bestrijden volgens Minister President Bajram Rexhepi. Maar onzekerheid over de politieke status en de toekomst van Kosovo ontmoedigen de buitenlandse bedrijven om in Kosovo te investeren. En dus blijft de economische ontwikkeling van Kosovo stagneren. Slechts 4% van alle import wordt gedekt door de export van Kosovaarse producten, wat neerkomt op een balanstekort van 96 %.

Omdat Servische soldaten zich vaak schuil hielden in fabrieken, heeft de NAVO veel van deze fabrieken gebombardeerd om de soldaten uit te roken. Hoewel deze strategie redelijk succesvol was, heeft het ook tienduizenden Albanese fabrieksarbeiders werkeloos gemaakt. Omdat de politieke identiteit van Kosovo nog steeds niet bepaald is door de internationale gemeenschap en Servië nog steeds Kosovo wil opeisen als haar elfdeel; blijft Kosovo een tijdbom die op elk moment opnieuw kan ontploffen zoals bijna ook gebeurde in maart 2004. Zo’n klimaat is uiteraard niet erg aantrekkelijk voor buitenlandse investeerders, ook al zijn er goede economische mogelijkheden in het land. Het lijkt erop alsof de investeerders wachten op politieke stabiliteit en zicht op een vreedzame toekomst voordat ze willen investeren in de toekomst van Kosovo. Het is ons gebed dat de politieke toekomst van Kosovo snel duidelijk zal worden, zodat de economie zal groeien en het land zich zal herstellen. Hoe dan ook, we moeten ondertussen doen wat in ons vermogen ligt om de wezen en weduwen te helpen, troost te brengen, gebroken harten te helen en Christus te prediken aan de mensen van Kosovo. Moge God ons helpen! Bram Oosterwijk heeft met zijn bediening “LifeHouse Relief” een goede start gemaakt. Laten we eens kijken naar zijn werk.

In 1999 schrok de wereld op door het internationale nieuws dat duizenden Kosovaren op de vlucht waren voor massamoorden die door het Servische leger werden gepleegd. In deze periode begon LifeHouseRelief (In Nederland opererend onder de naam St. de Brug) met het verlenen van crisishulp. Eerst in Albanië, later ook in Kosovo. Het land was totaal verwoest en de hulpvraag van de Kosovaren was enorm groot. Huizen waren aan flarden geschoten, bezittingen gestolen, vrouwen verkracht en mannen vermoord. In samenwerking met zowel internationale als lokale organisaties bood LifeHouseRelief directe crisishulp in de vorm van voedsel, kleding en huisvesting. Later gaven we hun kuikens (voor eieren en voedsel) en koeien (voor melk en vlees). Daarna werd het “weduwen en wezenproject” opgericht om hen te helpen, hun oorlogstrauma’s te verwerken. Dit project biedt hulp aan zo’n 400 weduwen en wezen. De families worden twee keer per maand bezocht en ontvangen financiële steun. Hun persoonlijke verhaal vertelt vaak meer dan duizenden woorden. Laten we naar een paar van deze hartverscheurende verhalen luisteren

Foto's van de oorlog


REKAZE – Een Servische politieman waakt bij een verwoest huis in het dorp Prekaze in Kosovo. De NAVO  vaardigde sancties uit tegen Belgrado om de moordpraktijken tegen Albanezen in Kosovo te stoppen


RACAK –Bij het afgelegen dorp Racak in Kosovo werden 40 vermoorde Kosovaren gevonden, die later begraven werden.  Servische politiemannen hielden zich stil toen duizenden burgers zich verzamelden om hun geliefden te begraven


PRISTINA – Een Servische vrouw huilt bij een verwoeste begraafplaats


PRISTINA – Albanese vrouwen zwaaiden met brood en riepen: We zijn een natie in gevaar. Honderden Albanezen marcheerden naar de plaats waar de Servische politie een bloedbad aanrichtte onder de Albanese Kosovaren


KACANIK – Etnische Albanezen ontvluchtten het door oorlog geteisterde Kosovo via de bergen naar Albanië. Veel mannen werden gescheiden van hun vrouwen en kinderen en vermoord als ze gepakt werden voordat ze de Albanese grens hadden bereikt


MEJA – Een Albanese man die gewond was geraakt bij een NAVO-aanval op een konvooi vluchtende Albanezen,  volgens de Serviërs

Zuivere en onbevlekte godsdienst voor God, de Vader, is: omzien naar wezen en weduwen in hun druk en zichzelf onbesmet van de wereld bewaren - Jakobus 1:27

In het licht van het voorafgaande kunnen we onmogelijk de verantwoordelijkheid ontlopen om voor deze verwonde en getraumatiseerde wezen en weduwen te zorgen. Wat zou de kracht van het evangelie betekenen in een land als Kosovo als we deze zeer urgente noden blijven negeren? Het is hoogstwaarschijnlijk de deur naar opwekking zoals we kunnen zien in het volgende verhaal verteld door Jaap Dieleman.

Jaap Dieleman vertelt:
Tien jaar geleden heeft Bram mij geïntroduceerd in Kosovo, waar ik toen jonge mensen heb getraind. We zagen een machtige beweging van Gods Geest en veel van deze jongeren werden machtig aangeraakt door de Heilige Geest. Mijn verwachtingen voor Kosovo waren hoog gespannen toen ik zoveel potentieel zag in deze enthousiaste jonge mensen. Een paar jaar later ging ik terug om te kijken hoe de zaken ervoor stonden, maar de oorlog hing toen al in de lucht. Sindsdien ben ik niet meer in Kosovo geweest tot april 2004 om jonge leiders te trainen. Tot mijn verrassing ontmoette ik Bram, die ik de laatste jaren wat uit het oog was verloren. Bram vroeg mij om mee te gaan om een paar weduwen te bezoeken in een dorpje.

Drita Osmani en haar kinderen

Sinds de oorlog voedt Drita in haar eentje 9 kinderen op. Vier van deze kinderen waren al wees voordat de oorlog begon, hun ouders waren overleden. Met veel liefde hadden Drita en haar man deze kinderen geadopteerd. Samen konden ze dit grote gezin prima aan, totdat de oorlog plotseling de levens eiste van haar man, broers en zwagers. Drita en haar kinderen waren erbij toen Servische soldaten de mannen in het dorp martelden, vermoordden en in een massagraf gooiden. Ze zagen uit de verte hoe het dorp werd platgebrand. Drita en haar kinderen waren zwaar getraumatiseerd door deze moorden. Drita was in een stille, wanhopige staat van paniek. Tot overmaat van ramp ontdekte ze dat ze tuberculose had en ze was bang dat ze zou sterven. Wie zou er dan voor al haar kinderen zorgen? Het weduwen- en wezenproject van LifeHouseRelief besloot haar maandelijks te ondersteunen met geld en andere benodigdheden. Tijdens één van de bezoeken werd er voor Drita gebeden. Drita ervoer tijdens dat gebed een diepe vrede. De volgende dag werd er opnieuw voor haar gebeden en God genas haar volledig van tbc. Ze ging naar het ziekenhuis voor controle en de dokter bevestigde haar genezing.

Niemand wist dat Drita ook nog leed aan vreselijke nachtmerries waardoor ze ’s nachts schreeuwend wakker werd. Enkele maanden na haar genezing werd ze opnieuw doodsbang wakker. Toen hoorde ze een rustige stem zeggen: “Ik ben Jezus en Ik ben hier om je te bevrijden”. De stem vertelde haar dat ze terug moest gaan naar de christenen die voor haar hadden gebeden en hen moest vragen om weer voor haar te bidden. Dan zou ze bevrijd worden van de nachtmerries die haar jarenlang gekweld hadden. Dat deed ze en sindsdien heeft ze geen nachtmerries meer gehad. Ze erkende de kracht van Jezus en gaf Hem haar leven; daarna deden haar kinderen hetzelfde. In een paar maanden tijd is de hele familie veranderd: de kinderen lachen en willen steeds geknuffeld worden. Als laatste gaf ook haar oudste zoon – een verbitterde tiener – zijn leven aan de Heer. Hij veranderde zo radicaal dat ook een aantal van zijn vrienden hun leven aan Jezus gaf. Drita nodigt lachend mensen uit: “Kom op bezoek bij mijn familie en ervaar de blijdschap”. Het leven is niet makkelijk voor Drita. Ze heeft nog steeds geen eigen huis en sinds ze christen is heeft de familie van haar man gedreigd haar te vermoorden als ze naar de samenkomst blijft gaan.

Nuria Bajrami

Nuria en haar zes kinderen wonen in Moleq, een klein dorp vlak bij de Albanese grens. Ze vertelt: "We waren thuis toen de NAVO Servische doelen in Kosovo begon te bombarderen. Die ochtend kwam de Servische politie en schreeuwde dat we ons huis moesten verlaten en onmiddellijk naar Albanië moesten vertrekken. Ze dreigden ons te vermoorden als we niet deden wat er gezegd werd. Ons huis werd in brand gestoken. Mijn zoontje van zeven maanden was nog binnen en ik rende het huis in om hem te redden. Onze reis begon te voet. We waren erg bang en onze kinderen hadden honger. Toen we in het dorp Bishtazin aankwamen, zagen we een rij tractoren en vroegen of we met hen mee konden rijden. Op dat moment gebeurde er iets vreselijks: de NAVO dacht dat we Serviërs waren en begon de tractor te bombarderen. Eén van de granaten raakte de truck vlak voor ons, die ook vol zat met mensen. We sprongen meteen uit de tractor, uit angst voor nog een aanval.

We besloten ons onder een brug te verbergen en probeerden de rivier over te steken, maar het water stond erg hoog. Terwijl we daar stonden zagen we vijf kinderen die probeerden de rivier over te steken. Toen ze halverwege waren, sleurde de kracht van het water hen weg, en ze verdronken meteen. Een paar mensen hielpen om hun lichaampjes uit het water te halen. Daarna hebben we hen in de bergen begraven. Mijn man zette onze kinderen één voor één op zijn schouders en liep naar de overkant van de rivier. Daar sloten we ons aan bij een andere groep vluchtelingen en liepen, samen met duizenden mensen, richting Albanië.

We kwamen in het dorp Meja en zagen Servische politiemannen staan met maskers, geweren en messen. Ze hielden 530 mensen tegen. Mijn man droeg onze jongste zoon op zijn schouders en hij moest onze zoon bij mij laten en zelf met de politie meegaan. Mijn man wilde nog iets tegen me zeggen, maar de soldaten hielden hem tegen. We begonnen te huilen want we hadden geen idee wat er met hem zou gebeuren. Mijn kinderen en ik werden gedwongen om richting Albanië te blijven lopen. In de Albanese grensplaats Kukes werden we verzorgd door een organisatie die ons eten en onderdak gaf. We bleven in Albanië totdat de NAVO Kosovo had bevrijd. Toen we eenmaal terug waren in ons dorp, ontdekten we dat het hele dorp was afgebrand. Ons huis was volledig vernietigd. Gelukkig konden we een tijdje bij mijn schoonvader logeren totdat we een nieuw huis van een hulpverleningsorganisatie kregen.

Ik wil LifeHouseRelief en alle andere Nederlanders bedanken die me met geld en eten geholpen hebben. Ik dank het Kosovaarse team dat voor me zorgde en me vertelde dat Jezus van me houdt. Mijn kinderen, schoonvader en ik hebben Jezus aangenomen. Mijn jongste zoon is nu zes jaar. Na de oorlog had hij regelmatig last van hevige nachtmerries maar er is voor hem gebeden en sindsdien heeft hij geen nachtmerries meer gehad. Ik weet nog steeds niet waar mijn man is; hij werd met 530 mannen tegelijk afgevoerd.

Ryve Pajaziti

Voor alle duidelijkheid, Albanese families leven is gezinsverband ook al zijn de zonen getrouwd. De familie die wij gingen bezoeken, bestond uit vader, moeder, vier getrouwde zonen met hun vrouwen en kinderen, en Ryve, hun jongste nog niet getrouwde dochter. De vier broers werden door de Serviërs meegenomen en zijn hoogstwaarschijnlijk vermoord. Inmiddels zijn twee van hun lichamen gevonden. Alsof het nog niet erg genoeg was, werd hun huis ook nog getroffen door een afgezwaaide NAVO-bom, waarbij twee schoonzusters van Ryva omkwamen en daarmee zes kinderen vader en moederloos werden. Ryva verloor bij dit bombardement haar linkerarm. Ryva’s vader kon het verdriet niet aan en werd ‘gek’. Sindsdien zorgt Ryve voor haar oude vader en moeder en de zes kinderen van haar broers. Ryve was buitengewoon depressief en wilde dood. Toen we haar bezochten, hoorde ik voor het eerst haar verhaal. Toen vroeg Bram mij voor haar te bidden. Ik wist nauwelijks wat ik moest bidden voor iemand met zo’n traumatische ervaring en huilde vanwege dit hartverscheurende verhaal. Toen ik hun huis verliet, was er in mijn hart een passie gewekt om deze mensen te helpen de liefde van onze God te leren kennen.

Een paar weken later kreeg ik een email dat Ryve van haar depressie was bevrijd. Vijf maanden later was ik weer in Kosovo voor een jeugdkamp. Toen ik Bram ontmoette vroeg hij mij om Ryva opnieuw een bezoek te brengen, wat ik niet kon weigeren. Toen ik hun huis bereikte en Ryva mij zeg, rende ze mij tegemoet en omhelsde mij met een grote glimlach op haar gezicht. Ik zag een totaal veranderde vrouw; bevrijd van depressie en stralend van vreugde. Ze wilde iedereen vertellen wat Jezus voor haar gedaan had.

Visie voor Kosovo

Voor mij werd Ryva een symbool - een symbool van wat God wil doen met Kosovo. Haar wonderlijke genezing gaf mij hoop voor Kosovo. Ik realiseerde mij dat Ryva één van de vele slachtoffers is van deze gruwelijke oorlog in Kosovo. Bijna 25.000 mensen zijn vermoord; voornamelijk mannen en veel van hen waren vaders. Vaak kerfden de Servische soldaten ook nog kruisen in hun dode lichamen. Wat voor een verschrikkelijke "christelijke" boodschap was dat? Daarom ben ik des te meer verrast om te zien dat er zoveel Moslims tot geloof komen, wanneer zij in aanraking komen met de ware expressie van Gods liefde. Kosovo heeft al een heleboel materiële hulp en dat is ook hard nodig. Maar mijn droom is dat er naast praktische hulp ook een levende en bruisende kerk zal komen; een kerk die de genezende liefde van Gods grote Vaderhart kan brengen bij deze wezen en weduwen; een kerk die genezing kan brengen aan gebroken harten door de liefde van Jezus Christus. Mede daarom willen we de gelovigen opbouwen om goede vertegenwoordigers van God de Vader te kunnen zijn en de genezende liefde van Christus bij hun volk te kunnen brengen. Het is mijn verlangen om mijn krachten te bundelen met anderen om deze droom te verwezenlijken, want Kosovo heeft een relevante expressie van het evangelie nodig. Er is dringend behoefte aan gezonde kerken die Gods hart bij de mensen kunnen brengen.

Het was alsof God mij uitdaagde om kerken te stichten. Ik denk dan aan honderden plaatsen, in huizen en hallen, in dorpjes en steden. Plaatsen waar mannen en vrouwen kunnen samenkomen om te horen over de liefde van Jezus en Hem kunnen aanbidden. Het was alsof Jezus mij uitdaagde deze mensen te voeden zoals Hij de discipelen uitdaagde de menigte te voeden. De discipelen wisten niet hoe ze dat moesten doen en ook ik weet niet goed hoe ik zoiets moet aanpakken. Jezus echter had een plan! Hij wist wat Hij zou doen; Hij deed het wonder van vermenigvuldiging en voedde daarmee een grote schare. Ik had net zo′n wonder nodig. Al zoekende ontdekte ik, dat God mij veel vrienden en medestanders heeft gegeven. Niet alleen Bram, maar ook Mattheus, David, Cris, Hans en vele anderen (zie hun profiel aan het einde van dit artikel). We willen onze harten, hoofden en handen aan elkaar verbinden om deze droom te verwezenlijken. In ons team hebben we tot dusverre een wonderlijke mengeling van talenten gezien; evangelisten, predikers, leraren, helpers, aanbidders, voorbidders, praktische mensen en administrateurs. We hebben besloten om regelmatig naar Kosovo te gaan om leiders te trainen, gelovigen te onderwijzen, te evangeliseren en om deze jonge gelovigen gewoon op te zoeken en te bemoedigen